donderdag 6 december 2018

Triangel - Afscheid (2)

Als klein meisje leek het me heel stoer om artikelen voor de krant te schrijven. Dan staat je naam in de krant bij de stukjes die jij geschreven hebt. Bij ons in de straat woonde een van de journalisten van Weekblad Dongen (toen heette het nog Weekblad voor Dongen) en dat vond ik heel bijzonder. Een echte journaliste die maar een paar huizen bij mij vandaan worden. Dat maakte veel indruk op me!

Na een communicatiestudie en het vervullen van een aantal verschillende functies kwam ik drie jaar geleden bij Weekblad Dongen terecht. Ik mocht als correspondent aan de slag én ik werd collega van mijn oud-straatgenootje. Hoe bijzonder is dat! Als correspondent voor dit weekblad kwam ik op allerlei plekken waar je als “gewone Dongenaar” niet zomaar komt en had ik gesprekken met mensen die je anders niet zomaar spreekt. Ook mocht ik bij allerlei evenementen aanwezig zijn en was ik regelmatig op het gemeentehuis te vinden voor bijvoorbeeld een persgesprek of een raadsvergadering. Ik heb dat met veel plezier gedaan.

Een van de eerste artikelen schreef ik over de opening van een tentoonstelling bij Museum de Looierij, die werd verricht door de burgemeester. Vervolgens bekeek ik de tentoonstelling, maakte nog wat extra aantekeningen en dronk nog “even” een drankje. Dat “even” duurde uiteindelijk bijna twee uur, omdat ik met iemand in gesprek raakte. Dat werd een leuk en boeiend gesprek. En dat was zeker niet de laatste keer dat ik ergens langer bleef hangen dan ik van tevoren verwachtte. Als ‘gezicht van het Dongens kraantje’ werd ik regelmatig aangesproken door mensen. Dat varieerde van gesprekken over geschreven stukken, tips om ergens eens iets over te schrijven of om gewoon een praatje te houden. Wat was het leuk om een hele week op pad te gaan voor de Zomerspelen en alle deelnemende kinderen volop te zien genieten. Wat was de rondleiding bij de Coca Cola-fabriek, waarbij onze minister-president aanwezig was, een happening; als pers zaten we apart en kregen we slechts twee momenten om Mark Rutte op de foto te krijgen. Daar voelde ik me wel “een kleine correspondent” tussen de grote bladen en televisieprogramma’s. Ik heb in ieder geval wel mijn foto kunnen maken. Wat was het soms wennen om een commerciële tekst te schrijven, waar andere eisen aan gesteld werden dan aan een regulier artikel. Al met al heb ik veel meegemaakt én veel geleerd.

Eind juni ging ik met zwangerschapsverlof. Tijd om even tot rust te komen na een drukke en emotionele tijd en me op te maken voor één van de grootste veranderingen in mijn leven: de geboorte van ons zoontje. Iedereen die zelf kinderen heeft, weet hoe bijzonder het is om voor de eerste keer vader of moeder te worden. Het is bijna niet te beschrijven wat dat met je doet. Hét moment dat ons zoontje na de bevalling voor de eerste keer bij mij werd gelegd, staat me nog zo helder voor de geest. Na negen maanden was hij daar dan eindelijk. Ik vond het ontzettend jammer dat mijn vader het niet meer mee mocht maken, maar tegelijkertijd kon ik volop van ons kindje genieten. Het gesabbel aan mijn pink, de kleine babyhuiltjes, zijn rustgevende gezichtje als hij lag te slapen, zijn warme lijfje tegen me aan als hij bij me lag... gewoon alles! Ons zoontje gaf me de mooiste rol die ik me maar kon wensen: hij maakte me een mama.

Ook al leek het me ontzettend lastig om weer te gaan werken en ons zoontje bij de kinderopvang achter te laten; het zou goed voor ons allebei te zijn. Hij zou wennen aan meer drukte en andere kinderen, ik zou uit mijn babybubbel weer terugkomen in “de gewone wereld” en weer wat meer volwassen gesprekken hebben. Jammer genoeg kan dit niet meer bij het weekblad zijn en moet ik op zoek naar een nieuwe uitdaging. Met veel plezier heb ik de afgelopen drie jaar voor dit lokale krantje geschreven en zelfs nog korte tijd de redactie mogen doen. Dongenaren, bedankt voor jullie leuke, lieve en bijzondere reacties op mijn artikelen, en graag tot ziens in ons mooie dorpje!


Deze Triangel verscheen in Weekblad Dongen, 6 december 2018

zondag 25 november 2018

Een berichtje aan de baby (3)

Lieve baby,

Ruim zestien weken geleden begon het te rommelen in mijn buik. Vals alarm, dacht ik. Twee weken daarvoor dacht ik ook dat het begonnen was, maar dat bleek vals alarm te zijn. Dus ik dacht dat het nu ook nog niet echt was begonnen. Je vader is gaan werken en ik heb wat gelezen, tv gekeken, zelfs nog geblogd en al mijn appjes beantwoord. Niemand had een vermoeden dat jij snel geboren zou gaan worden, zelfs ik nog niet op dat moment.

In de middag belde ik met de verloskundige, maar er zat teveel tijd tussen de weeën. Het konden nog steeds oefenweeën zijn. Tegen de tijd dat je vader thuis was, hebben we eerst nog gegeten (burrito’s). Daarna zijn we maar eens gaan timen om de hoeveel tijd de weeën kwamen. Ze volgden elkaar sneller op. Opnieuw belde ik met de verloskundige. Nu kwam er wel iemand even kijken. En ja, de bevalling bleek begonnen te zijn. Ik zat op 3 cm ontsluiting. Je zou geboren gaan worden! Wat vond ik dat ineens spannend. En wat werd ik nieuwsgierig naar je. Je vader en ik hoefden een stuk korter te wachten dan we van tevoren hadden verwacht. Zo’n 6,5 uur na de eerste echte weeën kwam jij ter wereld! Het moment dat jij op mijn buik werd gelegd vergeet ik nooit meer. Daar was je dan eindelijk! De mooiste, leukste, liefste en knapste baby die ik ooit gezien had.

We genoten van de kraamweek, mede dankzij de lieve kraamphulp Claudia. Ik vond het ontzettend jammer dat je opa het niet meer mee mocht maken, maar tegelijkertijd kon ik volop van jou genieten. Je gesabbel aan mijn pink, je kleine babyhuiltjes, je rustgevende gezichtje als je lag te slapen, je warme lijfje tegen me aan als je bij me lag... gewoon alles! Jij gaf me de mooiste rol die ik me maar kon wensen: jij maakte me een mama.


In het begin was het allemaal nieuw en soms nog wat onwennig. We moesten aan elkaar wennen en samen met papa ontdekten we elkaar en welk ritme bij ons pasten. Voorzichtigjes maakten we een uitstapje. We maakten een wandeling door het dorp, we gingen lunchen in ons dorp, we reden naar een winkel buiten ons dorp en we gingen eens een ochtendje of een middagje weg. 

Het leven is zoveel leuker, mooier en bijzonderder met jou erbij. Alle clichés zijn waar! Dank je wel, lieve baby, dat jij er bent. Wat voor vervelende dingen we ook hebben meegemaakt en nog mee zullen maken: jij bent het allerbelangrijkste in mijn leven! Samen met papa vormen wij een liefdevol gezinnetje en kunnen we de hele wereld aan.

Veel liefs van je mama


donderdag 8 november 2018

It’s ok not to be ok…

Soms krijg je in een korte tijd zoveel te verwerken dat je niet zo goed weet hoe je dit moet doen en waar je precies mee moet beginnen. Dit hoeven niet alleen maar negatieve zaken te zijn; het kunnen ook positieve dingen zijn of een combinatie ervan.

Tijd om na te denken
Ruim één maand geleden schreef ik over de vreugde en het verdriet waarmee ik dit jaar te maken heb gehad. Naast het overlijden van mijn vader en de geboorte van ons zoontje hebben mijn man en ik sinds die blog nog iets heftigs meegemaakt: de vader van mijn man is overleden. In ongeveer vier maanden tijd zijn twee dierbaren overleden en daartussen is ons zoontje geboren. Als het zo zwart op wit staat, lijkt het allemaal nog heftiger dan het is.

Vlak na het overlijden van mijn schoonvader was ik me op. Ik had de dood van mijn vader nog niet kunnen verwerken of ik werd voor de eerste keer moeder. Vervolgens was ik nog maar net een beetje gewend aan het moederschap en toen overleed mijn schoonvader. En toen wist ik het even niet meer. Ons zoontje zorgt voor regelmaat in mijn dagen en ik kan intens van hem genieten, maar vooral op de momenten dat hij slaapt heb ik de tijd om over van alles na te denken. Dan voel ik me verdrietig, terwijl ik zo blij ben dat ik nu eindelijk moeder ben. Dan probeer ik alles te verwerken, maar ik weet eigenlijk niet zo goed hoe ik dat moet doen. Dan huil ik ineens omdat ik aan mijn vader en/of mijn schoonvader denk of omdat ik het ons zoontje zo gegund had om met opa’s op te groeien. Dan ga ik ineens veel eten, omdat ik emoties meestal weg probeer te eten. En dan baal ik dat ik nog niet al mijn zwangerschapskilo’s kwijt ben en dat het emo-eten me daar echt niet bij gaat helpen.

Adviezen en handvaten
Met mijn man, mijn familie en mijn vrienden kan ik over mijn verdriet praten. Op advies van de huisarts ben ik in gesprek gegaan met de praktijkondersteuner. Dat heb ik deze week voor het eerst gedaan. En dat was fijn. Ik heb kunnen vertellen wat er de afgelopen maanden is gebeurd en hoe ik me daarbij voel. De praktijkondersteuner stelde precies de juiste vragen en gaf me een aantal adviezen en handvaten waarmee ik aan de slag kan om het verdriet te verwerken, om de tijd te nemen om te rouwen en om volop van ons prachtig kereltje te genieten.

Schrijven is voor mij een uitlaatklep. Daarom schrijf ik sinds deze week brieven aan mijn vader. Drie keer in de week neem ik hiervoor een vast moment en schrijf ik 15 tot 30 minuten aan mijn vader. Zo krijgt het rouwen een vaste plek in mijn dagelijks leven en kan ik mijn vaders overlijden echt een plekje gaan geven. Daarnaast probeer ik meer rust te nemen. Zodra ons zoontje slaapt, ga ik meteen aan de slag in het huishouden. Ik mag best wat vaker even gaan rusten of even iets voor mezelf doen. Dat gun ik mezelf nog te weinig. Ook mag ik niet vergeten dat de bevalling pas drie maanden geleden is. Mijn lichaam heeft tijd nodig om daarvan te herstellen. Ook al viel mijn bevalling relatief gezien mee (voor zover dat kan bij een bevalling), het heeft wel effect op mijn lichaam gehad. Mede daarom moet ik me nu niet teveel focussen op het afvallen, maar moet ik daar even drie maanden rust van nemen. Dat betekent niet dat ik me vol moet (vr)eten, maar wel dat ik dat doel (mijn resterende zwangerschapskilo’s verliezen) even moet parkeren. Zoals de praktijkondersteuner tegen me zei: “Je kunt er dat nu even niet bij hebben.” Zij verwacht dat ik door het schrijven van de brieven minder de neiging ga krijgen om mijn emoties weg te eten. Ik hoop het…

Aan de slag
Het was prettig om met ‘een buitenstaander’ over alles te praten en om mijn verhaal kwijt te kunnen. De praktijkondersteuner nam de tijd voor me, gaf me de ruimte voor mijn emoties en wist me op weg te helpen. Over een paar weken heb ik weer een gesprek met haar om te kijken hoe het dan gaat. Dat is fijn. Voor nu ga ik aan de slag met haar adviezen. Ik geniet van mijn gezinnetje, ik ben heel dankbaar dat ik moeder ben van ons lieve mannetje en ik huil om de twee grote verliezen. En ja, de ene dag gaat het beter dan de andere dag… maar dat zal voorlopig nog wel blijven.