6 februari 2018. Mijn
vader ligt al een paar dagen in het ziekenhuis. Hij heeft enkele onderzoeken
gehad en krijgt vandaag de uitslag. Mijn moeder en mijn oudste zus zijn
daarbij. Mijn andere zus is hoogzwanger thuis en ik ben aan het werk. We zijn
allemaal bezig met die ene vraag: “Wat is er met papa aan de hand?” Het exacte
antwoord op die vraag krijgen we die dag nog niet. We krijgen alleen te horen
dat er iets niet goed zit…
6 februari 2019.
Mijn moeder is aan het oppassen. Mijn zussen zijn allebei aan het werk. Mijn
zoontje is een extra dagje naar de opvang, terwijl ik naarstig op zoek ben naar
een baan (en vooral afwijzingen in mijn mailbox ontvang). En mijn vader? Het is
inmiddels bijna acht maanden geleden dat hij is overleden. Wat is er veel
veranderd in één jaar tijd.
Het leven is na het overlijden van mijn vader doorgegaan.
Dat hoort zo. En ergens heb ik wel eens het gevoel dat ik stil ben blijven
staan. Dat is niet zo, maar het voelt soms wel zo. Ik ben niet meer dezelfde
persoon als eerst. Mijn vader is er niet meer… en dat voelt af en toe nog heel
onwerkelijk. Ook al zeg ik tegenwoordig dat ik even naar mijn moeder ga. Ook al
verwacht ik niet iedere keer meer dat mijn vader de trap afkomt als ik op
bezoek ben. Ook al weet ik dat hij er niet meer is. Het neemt niet weg dat ik
het soms nog niet helemaal bevat. Hoe kan hij er nu niet meer zijn? Hoe kan het
nu dat ik nooit meer met hem kan praten? Hoe kan het nu dat ik nooit meer
advies aan hem kan vragen? Hoe kan het nu dat hij ons zoontje nooit heeft mogen
ontmoeten? Het voelt soms zo oneerlijk…
Ik mis je, papa.

