maandag 7 november 2022

Het fenomeen rouwen

Wat zit rouwen eigenlijk toch vreemd in elkaar. Nu ik al ruim 4 jaar in een rouwproces zit, dacht ik er inmiddels een en ander van te snappen… maar volgens mij is dat hele fenomeen rouwen nooit helemaal te doorgronden.

Laat ik het voor mijn geval wat verduidelijken. Het eerste jaar na het overlijden van mijn vader en mijn schoonvader (daar zit maar een paar maanden tussen) vond ik lastig. Ik had vaak het gevoel dat ik een beetje geleefd werd, terwijl ik tegelijkertijd samen met mijn man aan het ontdekken was hoe het was om ouders te zijn. Tussen de twee overlijdens werd namelijk ons zoontje geboren. Ik kan je vertellen dat het een jaar vol tegenstrijdige gevoelens was. Aan de ene kant waren we zo blij dat we een gezond mannetje hadden (want zwanger worden was niet vanzelfsprekend voor mij), maar aan de andere kant hadden we veel verdriet omdat we allebei geen vader meer hadden.

Ik kwam erachter dat ik bepaalde periodes van het jaar lastig vond, zoals de feestdagen, mijn vaders verjaardag en de periode richting mijn vaders sterfdag. Begrijp me niet verkeerd: ik mis mijn schoonvader ook en ik denk nog regelmatig aan hem terug en hoe leuk hij als opa voor onze kinderen zou zijn geweest, maar ik ben wel meer bezig met het gemis rondom mijn eigen vader. Ik denk dat dat heel normaal is… en het maakt het gemis om mijn schoonvader niet minder; dat is alleen gewoon anders.

Even schrijven
Het tweede jaar zonder mijn vader vond ik op de een of andere manier lastiger. Je omgeving is er minder mee bezig, je hebt nog weinig praktische zaken te regelen en het leven gaat gewoon door. Dat laatste is natuurlijk goed en dat hoort zo, maar ik merkte dat ik soms behoefte had om over mijn vader te praten maar niet zo goed wist hoe of met wie. Nu ben ik sowieso beter in mijn gedachten en gevoelens op te schrijven dan ze uit te spreken.
De praktijkondersteuner die ik hier wel eens gesproken heb, raadde me aan om brieven aan mijn vader te gaan schrijven. Dat deed ik in eerste instantie bijna wekelijks op papier voor mezelf. Naarmate de tijd verstreek, werd dat minder frequent en koos ik ervoor om ze op deze blog te delen. Ik vind het namelijk wel prettig om mijn gevoelens en gedachten hierover te delen; alleen vind ik het soms best lastig om dat uit te spreken naar mijn dierbaren. Is dat herkenbaar? Ook heb ik wel eens een moment dat ik het even moeilijk heb en dat ik alleen ben. Soms is het dan al voldoende om even keihard te huilen of om even iets van me af te typen… en dan is het weer even voorbij.

Het gemis en alles wat er verder bij rouwen komt kijken, komt wanneer het wil en gaat wanneer het wil. Alleen dacht ik inmiddels een beetje de momenten te weten dat ik het echt moeilijk heb. Daar zat de maand november niet per se tussen. Toch merk ik dat ik de laatste paar dagen wat meer aan mijn vader denk. Komt het wellicht omdat ons dochtertje bijna 1 jaar wordt en dat ik het soms echt lastig vind dat mijn vader nooit geweten heeft dat hij nog een vijfde kleinkind heeft? Komt het omdat ik af en toe iets van mijn vader in ons zoontje herken? Komt het omdat ik mijn vader eigenlijk gewoon nog heel even een keertje zou willen spreken om te vragen of ik het een beetje goed doe? Ik weet het niet…

Ik denk dat je altijd blijft rouwen wanneer je iemand dierbaars hebt verloren. De pijn om het verlies wordt minder (de scherpe randjes gaan eraf), maar het gemis en het verdriet blijft. En ik denk dat je zelf verandert nadat je iemand kwijt bent geraakt. Alsof er een stukje van jezelf is gestorven, nadat je een dierbare hebt verloren. Dat is in ieder geval mijn ervaring tot nu toe.

Of weet je alles al...
Ik wil graag eindigen met een fragment uit ‘Of je weet je alles al’ van Hetty ten Holt, een dichtbundel waar ik veel aan heb gehad en waar ik af en toe nog eens doorheen blader:

toen ik jou zag sterven
stierf ik een stukje met je mee
en met jou ging ook een deel
van mij voorgoed verloren
(uit het gedicht: ‘Toen ik je zag sterven’)

dinsdag 30 augustus 2022

Een nieuw tijdperk gaat beginnen

Oei, dat klinkt wel heel groots als ik naar de titel van deze blogpost kijk. Maar stiekem is het dat ook wel: ons zoontje gaat namelijk bijna naar de basisschool. Hij heeft er al helemaal zin in en kan niet wachten tot de eerste schooldag gaat beginnen. Ik vind het leuk en spannend tegelijkertijd.

Laatste keer kinderopvang
Voordat die eerste schooldag aanbreekt, is het vandaag de laatste keer dat ons zoontje naar de kinderopvang gaat. Sinds hij 4 maanden is, gaat hij twee dagen in de week naar de kinderopvang. Eerst zat hij op een groep waarin kinderen vanaf 0 jaar zaten. Nadat hij 3 jaar werd, mocht hij steeds vaker naar de zogenoemde 3+ groep waar hij al een beetje werd voorbereid op de basisschool en waar allemaal kinderen van dezelfde leeftijd zaten. Hij had het daar enorm naar zijn zin en binnen een half jaar ging hij alleen nog maar naar die groep.

En nu is het moment aangebroken dat hij voor de allerlaatste keer bij de kinderopvang gaat spelen. Nog één dagje bij zijn favoriete juffen spelen, nog één keer een feestje bij de kinderopvang en nog één keer met zijn vriendjes en vriendinnetjes spelen. Ik weet natuurlijk al een hele tijd dat deze dag eraan gaat komen, maar ik heb het er toch wel een beetje moeilijk mee. Ondanks dat ons dochtertje voorlopig nog op die kinderopvang zit en ondanks dat de bso straks op dezelfde locatie van de kinderopvang is, alleen in een ander lokaal en met andere juffen. Het is wel een fase die je nu af gaat sluiten. En het duurt ook wel weer eventjes voor we de juffen van ons zoontje weer vaak zien en spreken, aangezien ons dochtertje voorlopig nog geen 3 jaar is.

Ik heb vanochtend al wel even een traantje gelaten toen we ons zoontje voor de laatste keer naar de kinderopvang brachten. Hij gaat vandaag veel plezier maken en lekker feesten. De juffen gaan heel veel foto’s maken. Dan kunnen we daar vanavond nog even met z’n allen naar kijken. Kleine jongetjes worden groot. En dat is maar goed ook! Maar deze mama zal vanmiddag bij het ophalen ook nog wel een paar traantjes laten.

vrijdag 19 augustus 2022

Het vinden van een balans

Ruim één maand geleden schreef ik over mijn eeuwige strijd met de kilo’s. Ik ging voortvarend aan de gang en de eerste kilo’s gingen eraf. Ik gaf mezelf een eerste doel en dat was om 5 kilo af te vallen. Het leek me fijner om in kleine stapjes te werken dan om meteen voor mijn einddoel te gaan.

De laatste twee weken gaat het wat minder goed. Niet dat ik ben aangekomen (gelukkig niet), maar er gaan maar 1 of 2 ons per week vanaf. Ik weet dat het in het allereerste begin altijd harder gaat dan na verloop van tijd, maar toch… En ik weet ook dat we wat feestjes en wat barbecues hebben gehad, waardoor je toch net wat meer eet dan normaal. Nogmaals: ik ben vooral blij dat ik sinds begin juli niet meer ben aangekomen.

Op dit moment ben ik 3,7 kg afgevallen en daar ben ik natuurlijk al heel blij mee. Ik voel me energieker en ik slaap beter (met uitzondering als één van de kindjes ’s nachts wakker wordt of ’s nachts gaat spoken). De eerste paar dagen in juli merkte ik echt dat ik moest wennen aan minder suikers eten en drinken. Ik wist wel dat suikers verslavend werken, maar het viel me toch wel even tegen hoor. Ik heb er gewoon een paar dagen hoofdpijn van gehad. Dat verdween gelukkig snel, maar het zette me wel even op scherp om te ontdekken hoe verslavend suiker voor je lichaam is.

Nu wil ik vooral de balans zoeken. Hoe zorg ik ervoor dat ik niet teveel ga bewegen om maar van alles te willen compenseren? Hoe zorg ik ervoor dat ik af en toe zonder schuldgevoel van iets lekkers kan genieten? Hoe vind ik een eet-, drink- en beweegmodus die ik vast kan blijven houden? Ik wil natuurlijk naar een modus die goed vol te houden is. Ik zal altijd moeten opletten met wat ik eet en drink, omdat ik nu eenmaal gemakkelijk aankom en heel veel lust. Het is voor nu even zoeken naar een goede balans tussen al die verschillende zaken.

En… ik moet mezelf niet teveel druk geven. Ik ben ook niet in een korte tijd die kilo’s aangekomen, dus ik moet ook niet verwachten dat het er in korte tijd meteen weer af is. Ik wandel vrijwel elke dag; ik heb een vaste sportdag om thuis op de hometrainer te zetten; ik let goed op mijn eten en drinken; ik geniet in het weekend van wat extra’s… en ik merk gewoon dat ik beter in mijn vel kom te zitten.

Ik zeg het regelmatig tegen mijn oudste kindje en nu ook maar even tegen mezelf: “Soms moet je even geduld hebben.” Dus ik ga verder met waar ik mee bezig ben en dan bereik ik vanzelf mijn eerste doel. Het komt goed… zolang ik maar niet te streng ben voor mezelf en niet terugval in mijn oude gewoontes.