vrijdag 2 maart 2018

Moeders voor Moeders: geluk kun je delen!

Een paar dagen nadat ik ontdekt had dat ik zwanger was, besloot ik me in te schrijven voor Moeders voor Moeders. Ergens vond ik dat heel spannend omdat het allemaal nog zo pril was, maar de gedachte achter deze stichting vond ik zo mooi dat ik er iets mee wilde doen.

Kennen jullie Moeders voor Moeders? Hebben jullie er misschien zelf ook aan meegedaan? Moeders voor Moeders zamelt urine in van pril zwangere vrouwen in Nederland om stellen met vruchtbaarheidsproblemen te behandelen. Het enige dat je daarvoor hoeft te doen is je urine opvangen in een opvangkannetje, te legen in een fles en één keer week de kratten buiten te zetten zodat het opgehaald kan worden. Dat leek me een kleine moeite, zeker nadat wij hormoontabletten nodig gehad hebben zodat ik zwanger kon raken.

Aanmelden en meedoen
Vanaf het moment dat je weet dat je zwanger bent, kun je je via de website van Moeders voor Moeders aanmelden of telefonisch via 0800-0228070. Aanmelden kan tot en met de 11e week van je zwangerschap; meedoen kan vanaf de 6e tot en met de 16e week. In die periode bevat je urine namelijk het meeste hCG-hormoon.

Nadat ik me aangemeld had, werd ik door één van de informatrices gebeld om een afspraak te maken. Twee dagen later kwam ze langs om mijn urine te testen of er voldoende hCG-hormoon aanwezig was en om de deelnamevoorwaarden door te nemen. Het is belangrijk dat je hieraan voldoet, omdat de urine gebruikt wordt voor het maken van een geneesmiddel. Gelukkig was er voldoende hCG-hormoon aanwezig en voldeed ik aan de voorwaarden. Ik mocht meedoen!

De informatrice gaf me twee kratjes met elk vier flessen en één opvangkannetje. Ze gaf tips hoe je de urine het beste kon opvangen. Daarnaast kreeg ik twee zwangerschapstijdschriften en een badcape voor ons kleintje. Samen met haar sprak ik af waar ik elke dinsdag de kratten zou zetten, zodat het niet voor de hele straat al zichtbaar was dat ik zwanger was. Het was op dat moment nog te pril om het al met de hele wereld te delen. En daarna gingen de tien weken van urine opvangen in.

Mijn ervaringen
Zoals ik al eerder zei, was het meedoen een kleine moeite. Vooral omdat ik mijn achterhoofd hield dat als andere zwangere vrouwen dit niet gedaan hadden ik nu waarschijnlijk nog niet zwanger was geweest. Dit bijzondere geluk gun je elke vrouw die moeder wil worden. En hoeveel moeite is het dan om een paar weken je urine op te vangen voor het maken van medicatie?!
Betekent dit dat ik het nooit als vervelend heb ervaren? Nee. Zeker richting de laatste twee weken begon ik met aftellen. Niet zozeer omdat ik het echt beu was, maar meer omdat het een bepaalde mijlpaal uit je zwangerschap was die ik voor mezelf kon aftekenen. En ja, je reukvermogen versterkt als je zwanger bent en ik kan je vertellen dat de geur van urine én het goedje uit de flessen niet lekker was. Maar het was voor een goed doel en dat had ik ervoor over. En achteraf gezien zijn de tien weken voorbij gevlogen.

Overigens wisten onze buurtbewoners sneller dan de bedoeling was dat ik zwanger was. De eerste keer dat de kratten opgehaald werden, had ik ze netjes achter bosjes in onze voortuin gezet. Toen ik ’s avonds thuiskwam van mijn werk, stonden de nieuwe kratten open en bloot in de voortuin te wachten tot ze binnengezet werden. Daarna heb ik ze gewoon telkens in het zicht gezet. Niemand heeft me in die tijd de vraag gesteld of ik zwanger was, maar sommige buurtgenoten hadden wel hun vermoedens door de blauwe flessen kregen we te horen toen we het prachtige nieuws konden delen.

donderdag 15 februari 2018

Triangel - Bijzondere boekentips

Al zolang als ik me kan herinneren, ben ik dol op lezen. Met mijn moeder mocht ik regelmatig mee naar de bibliotheek om nieuwe boeken uit te zoeken. Dat vond ik echt een feestje om te doen. Hoe meer boeken ik mee mocht nemen, hoe leuker ik het vonden. Tegenwoordig koop ik de meeste boeken die ik graag wil lezen of krijg ik via een uitgeverij een recensie-exemplaar om te lezen en recenseren voor mijn boekenblog www.boekenbeschrijfster.nl.

Gedurende de wintermaanden lees ik vaak meer dan tijdens de zomermaanden. Ik kruip nu graag met een boek, een dekentje en een kopje thee op de bank. Hebben jullie dat ook? Mocht je nog op zoek zijn naar een bijzondere boekentip, ik deel graag een aantal goede boeken die ik pas gelezen heb. Te beginnen met ‘Wie niet weg is’ van M.J. Arlidge. Arlidge heeft met dit zesde deel uit de Helen Grace-serie wederom een spannend en goed boek geschreven. ‘Wie niet weg is’ zit vol spannende en verrassende elementen dat je alleen maar wil lezen en lezen… totdat je bij de ontknoping bent. Het verhaal zit zo goed in elkaar dat je het hele boek volop aan het genieten bent. Een van de fijne zaken uit de boeken van Arlidge zijn de korte hoofdstukken. Dat zorgt ervoor dat het verhaal vlot verloopt en dat je lekker snel kunt lezen. Voor je het weet, ben je alweer tien hoofdstukken verder waarin veel is gebeurd. De fans van Helen Grace zullen enorm genieten van dit deel en regelmatig op het puntje van hun stoel zitten. Gelukkig kunnen we in het voorjaar van het zevende deel gaan genieten. Ik kijk al uit naar ‘Klein, klein kleutertje’…

Of wat dacht je van ‘Koningslaan’ van Ellen Lina? Meteen van de proloog ben je geïntrigeerd en wil je weten wat er allemaal precies aan de hand is. Dat zorgt ervoor dat direct goed in het boek zit. Hoofdpersonage Charlie van Amerongen is een interessant personage. Ze is een bescheiden en verlegen vrouw, waarin ik mezelf soms wel een beetje herkende. Grappig detail is dat Ellen Lina deze karaktereigenschappen best lastig vond, omdat zijzelf het tegenovergestelde is van Charlie. Ze heeft dit personage heel geloofwaardig neergezet. Je leert haar telkens wat beter kennen, waardoor je haar keuzes meer begrijpt. Ook de andere personages komen goed tot hun recht. Ze worden zodanig beschreven dat je bij elk van hen een bepaald beeld vormt hoe ze eruit zouden zien. Knap als een auteur dat voor elkaar krijgt. Naarmate het boek vordert, wordt het steeds spannender. Lina zorgt voor een aantal onverwachte wendingen, die de nodige spanning met zich meebrengen. Het is andere spanning dan bij haar vorige boek ’Crash’, maar je wil op dat moment wel door blijven lezen. Je moet gewoon weten of je het bij het rechte eind hebt of niet… En tegen het einde van ‘Koningslaan’ komt alles bij elkaar en kun je concluderen dat Lina wederom een sterk verhaal met een mooi afgerond geheel heeft geschreven. Aanrader om te lezen!

En tenslotte het leuke kinderboek ‘Mag ik je Omi noemen?’ van Nathalie van den Thillart. Ze heeft een leuk, grappig en leerzaam verhaal geschreven. Van den Thillart heeft een prettige en toegankelijke schrijfstijl. Ze vertelt het verhaal vanuit de ik-vorm van Lilly en ze heeft zich goed ingeleefd in de belevingswereld van de doelgroep. Tieners zullen zich vast in een of meerdere situaties uit het boek herkennen. En dat zal ook voor ouders en grootouders gelden. Dat zorgt ervoor dat het verhaal lekker leest. Oma Noortje, Lilly en Bo beleven allerlei avonturen, in en rondom het ziekenhuis. Zonder teveel details weg te geven, hebben de drie een missie. En daarbij kunnen ze de hulp van een bekende Nederlander wel gebruiken. Dat zorgt voor leuke en grappige situaties. Wil je weten wie dat is? Lees dan ‘Mag ik je Omi noemen?’ Je zult er geen spijt van krijgen… Alvast veel leesplezier toegewenst met één van deze boeken of een ander mooi, goed, spannend of ontroerend verhaal dat je gaat lezen.


Deze Triangel verscheen in Weekblad Dongen, 15 februari 2018

vrijdag 9 februari 2018

Een kinderwens... en dan? (2)

Eind november vorig jaar schreef ik een eerste blog over onze kinderwens en hoe de eerste periode na het stoppen met de pil voor ons is verlopen. Daarmee eindigde ik dat ik na een zware tijd vol langdurige menstruaties weer was begonnen met de pil.

Met de gynaecoloog had ik afgesproken dat ik een paar maanden deze medicatie zou slikken voordat ik opnieuw zou stoppen om te kijken hoe mijn lichaam dan zou reageren. In mei 2016 begon ik weer met het idee dat ik na onze vakantie naar Kroatië (in september) weer zou stoppen. De langdurige menstruatieperiode had mij toch angstiger gemaakt dan ik aanvankelijk had verwacht. Ik durfde niet te stoppen uit angst dat alles opnieuw zou beginnen en dit weer zo lang zou gaan duren. Het stond me nog zo helder voor ogen dat ik het begon uit te stellen en excuses begon te zoeken. “Ja maar... dan hebben we een dagje weg gepland, dan wil ik niet ongesteld zijn.” “Ja maar... dan heb ik een belangrijke schrijfopdracht voor de krant...” “Met de feestdagen is het helemaal niet handig om ongesteld te zijn.” Het duurde uiteindelijk tot januari 2017 voordat ik weer durfde te stoppen.

Zou het dan echt...?
Er volgde een ietwat vervelende menstruatie die na een weekje stopte. Dat was een prima begin. Nu was het de vraag wanneer de volgende zou komen. Dat bleek een week of vijf later te zijn en die hield na vijf (heftige) dagen op. Zou het dan echt...? Zou mijn cyclus gewoon op gang komen? Of ben ik over vijf dagen weer ongesteld? Beide vragen bleek ik later ontkennend te kunnen antwoorden. Ik werd niet meer ongesteld, maar mijn cyclus kwam ook niet op gang. Ergens hoopte ik dat ik meteen zwanger was geraakt, maar de vele testen bleven helaas negatief.

Uiteindelijk zijn we weer naar de huisarts gegaan, die ons meteen doorverwees naar het ziekenhuis. Gelukkig naar een andere afdeling dan waar we in 2016 geweest waren, want ik wilde absoluut niet meer naar die gynaecoloog. We kregen een lange vragenlijst om in te vullen, waarbij ik apart mijn hele verhaal van 2016 bijvoegde. En begin mei konden we in het ziekenhuis terecht. De gynaecoloog was heel aardig en begripvol. Ze had al meteen een idee wat er aan de hand zou kunnen zijn. Met haar sprak ik af dat ik hulp ging zoeken bij het afvallen (door middel van een diëtiste) en vanuit het ziekenhuis gingen zij verder onderzoeken wat er aan de hand was.

En wat bleek? Ik heb PCOS (polycysteus ovarium syndroom). Oftewel, mijn lichaam maakt zoveel eiblaasjes aan dat er amper kans is dat er eentje uit kan groeien tot een groter eitje waardoor er een eisprong plaats kan vinden. Dat resulteert erin dat je of bijna continu ongesteld bent of dat je het helemaal niet bent. Ik had beide gevallen gehad. Het kan zijn dat dit weer goedkomt als je afvalt / minder overgewicht hebt. Omdat het afvallen met hulp van de diëtiste op dat moment goed ging, sprak ik met de gynaecoloog af dat ik me drie maanden vol op het afvallen zou concentreren en daarna zouden we verder kijken.

Hormonen slikken
Na die periode bleek het afvallen heel goed te gaan; helaas bleef mijn menstruatie wel uit. Dus werd het tijd voor de volgende stap: het slikken van hormonen, te beginnen met Clomid. Na het slikken van deze hormonen werd de ontwikkeling van de eicellen steeds met interne echo's gevolgd. Soms gingen we in 1,5 week tijd drie keer naar het ziekenhuis voor zo’n echo.

De eerste serie was vijf dagen lang één pilletje. Helaas volgde er geen eisprong. De tweede serie was vijf dagen lang twee pilletjes. Helaas, ook deze keer geen eisprong. De derde serie was vijf dagen lang drie pilletjes. Ook hier volgden weer de echo's en op de eerste echo leek zowaar een eitje te groeien. Zou het dan toch goed gaan komen? Op de tweede echo was nog steeds een groeiend eitje te zien... en op de derde was niets meer te zien. De kans was groot dat deze hoeveelheid hormonen voor mij werkte. Ik liet bloed prikken om te kijken of dat inderdaad het geval was en na onze vakantie naar Londen zou ik de uitslag krijgen.

Na de vakantie belde de gynaecoloog met de uitslag: er was inderdaad een eisprong geweest. Intussen was ik nog niet ongesteld geworden en had ik (uiteraard) stiekem al een zwangerschapstest gedaan: hierop zag ik twee streepjes, waarbij het ene streepje wel heel licht was. Dit heb ik gelijk maar gevraagd aan de gynaecoloog, maar volgens haar was een streepje een streepje. De eerste hormoonkuur die aansloeg was dus meteen raak: ik was (en ben nog steeds) zwanger!